Reading Time: 5 minutes

Prijs de Goden.

Op 11 februari 2008 brandde Sungnyemun,, de Zuidelijke poort, van Seoul af. Koning Yi T’aejo,stichter van het Choson Koninkrijk, liet deze poort rond 1400 bouwen. Ook bouwde hij Kyongbok palace.  Tezamen met de han rivier vormen deze schatten van het wereld erfgoed een Feng Sui constellatie.
Niet alleen Japanse rovers werden er tegen gehouden maar ook werd via het geestelijke gezorgd
voor geluk en voorspoed. Op het moment (2008) waarop ik dit schrijf is het nog niet duidelijk of het
om brandstichting gaat. Maar wie zou op deze manier de rust van de Koreanen willen verstoren.

Sungnyemun burning: with regards https://joshinggnome.wordpress.com
Sungnyemun brandt: with regards https://joshinggnome.wordpress.com

Want dat is gebeurd! De Koreanen geloven nog steeds in al die invloeden van de goden. De poort zal dan ook zeker worden herbouwd.

Het is hun nationale trots! De Feng Sui invloed wordt in ere gehouden net als de hieronder omschreven invloeden van de verschillende godsdiensten. De essentie van het Koreaanse tuinieren is het natuurlijke landschap met heuvels, beekjes en velden. Het landschap wordt niet op afstand gehouden door muren of anderen grenzen. Pittoreske muren zijn zodanig vormgegeven, dat bomen er overheen kunnen ‘kijken’. De omgeving wordt in de tuin toegelaten. Ook de natuur binnen de muren is niet zoals in Japan in een keurslijf gedwongen.

De Koreaanse tuin is natuurlijk en daardoor rustgevend. In de Koreaanse filosofie is de natuur perfect. Daarom moet bij menselijk ingrijpen grote zorgvuldigheid worden betracht. Ingrijpen wordt bijna als gewelddadig gezien. Het idee achter de Koreaanse tuincultuur is de natuur natuurlijker te laten lijken dan de natuur zelf. Daar waar de Japanners de natuur vormgeven, zal de Koreaan vormgeven in de natuur.

Fusion
Met het woord fusion is de Koreaanse tuincultuur in één klap benoemd. Fusion betekent letterlijk samensmelting. In tegenstelling dus tot de eenzijdige, humanistisch-christelijke achtergrond van onze cultuur bestaat de cultuur van de Koreanen uit een mengeling van vele achtergronden: allen voorkomend uit hun eeuwenoude geloofsgeschiedenis.
Tan ‘gun (sandelhoutkoning) wordt gezien als de mythische stichter van Korea, 4.326 jaar geleden. Hij daalde af naar P’ongyang, waar hij een rijk stichtte: Chosön, het land van de ochtend kalmte.
Het betreft hier een mythe met een duidelijk sjamanistisch karakter, waarin versmelting
van kosmos, aarde, goden, mensen, dieren en planten plaats vindt. Het sjamanisme kent vele goden en geesten. Deze leven in het landschap maar ook in de kelder, de keuken of op de zolder. Bij ziekte of andere tegenspoed bezoekt menig Koreaan dan ook nog steeds de Mudang. Pagina na pagina in de Koreaanse krant zijn gevuld waarin de Mudang haar diensten aanbiedt.

unju-sa
unju-sa

Ook het heilbrengende stapelen van steentjes, unju-sa, stamt uit dit natuurgeloof. Het is in Korea de gewoonte een gevonden steen langs de kant van de weg te leggen. Een volgende vinder draagt zijn of haar steentje bij.  Zo ontstaan spontaan de mooiste pagodes langs de weg, maar ook bij een Boeddhistisch heiligdom of bijvoorbeeld een waterval. Het zijn heilbrengende natuurschrijnen, waaraan iedereen meewerkt. En het allermooist ….. niemand schopt ze om.

Pragmatisch
Het uit China afkomstige confucianisme is de tweede geloofsovertuiging, die zich doet gelden. Deze leer is voornamelijk gericht op het leven van de mens in deze wereld. De verhoudingen tussen mensen onderling. Zeer pragmatisch dus. De confusianist gaat ervan uit dat harmonie in de samenleving ontstaat als de heerser, de geestelijke, de vader of de zoon ook daadwerkelijk heerser, geestelijke, vader en zoon is. Vijf kardinale deugden moeten hiertoe in acht worden genomen: etiquette, menslievendheid, gerechtigheid, loyaliteit en vergevensgezindheid. Het confucianisme is aldus eigenlijk geen religie. Toch heeft de symboliek ervan veel invloed op de Koreaanse tuincultuur.
Ook het Boeddhisme heeft grote invloed. In Korea heeft het Lamaïsme grote kracht. Een lama is een boeddhistische goeroe met werkelijke macht. In de culturele geschiedenis ontstond een sterke tendens naar ingetogenheid en natuurlijkheid zoals die voornamelijk in de architectuur tot uiting kwam.
Gebouwen en tuinen moesten harmoniëren met hun omgeving.

The Gods are praised!
The Gods are praised!

In Korea ontstond geen strijd tussen de religies. Ze beleven gewoon naast elkaar bestaan. Later werd door de Jezuïeten ook nog Christus geïntroduceerd. Ook deze westerse verlosser kreeg zijn plaats.
De Koreaanse cultuur werd er alleen maar rijker van. Veel Koreanen kiezen wat het geloof betreft een zeer nuchter uitgangspunt. Ze bidden gewoon tot allemaal. Helpt het ene niet, dan mag van het andere misschien meer profijt worden verwacht. Het is dan ook niet verwonderlijk dat in Boeddhistische tempels confucianistische symboliek wordt gevonden, terwijl sjamanistische goden er de wacht houden.
Fusion dus tussen vier grote wereld geloven. Waar in het westen vooral de rijken de tuincultuur bepaalden, bijvoorbeeld met het exorbitante Versailles, zette in Korea de heilige zijn spade in de grond, Onze kloosterlingen kwamen niet verder dan de kruidentuin. Die in het verre Oosten slaagden erin ware tuinkunst te scheppen.

Chongwon
Het Koreaanse woord voor tuin, Chongwon, is een combinatie van twee Chinese karakters. Chong, het eerste karakter, duidt op een tuin omgeven door gebouwen of muren. Chong kan worden onderverdeeld in paleistuin, officiële tuin, tempeltuin of gewone tuin al naar gelang de functie van het gebouw, waarbij de tuin hoort. Gewone tuinen zijn verdeeld in voor- of achtertuin, binnen- of buitentuin, middentuin of bijvoorbeeld poort- of traptuin volgens de locatie van de tuin.
Won, het tweede karakter, betekent heuvel of wijd veld met bossen. Met dit karakter stijgt de tuin uit boven de tuin omringd door gebouwen of muren. De samenstelling van de twee karakters betekent aldus een kleine tuin, maar ook een parkcomplex of een natuurlijk vormgegeven park.

De Koreaanse tuinarchitectuur is een holistische architectuur.
Holisme is volgens het woordenboek de opvatting dat er een samenhang bestaat in de werkelijkheid, die enkel uit een beschouwing van het geheel blijkt en niet terug te vinden is in de onderdelen.
Zo combineert de Koreaanse tuincultuur Chong en Won, bouwt een menselijke omgeving, die goed combineert met de wereld van de natuur met inachtneming van zowel de natuur als de menselijke waarden.
Het kan worden omschreven als de kunst van het creëren van een buitenruimte met ecologische waarden, functioneel en praktisch. Het geeft meer waarde aan ecologie dan aan wetenschappelijke disciplines als techniek en architectuur.

Mythisch
De Koreaanse tuin onderscheidt zich van de formele tuin. In de laatste wordt gestreefd naar visuele schoonheid. De schoonheid van de Koreaanse tuin ontstaat uit een complexe, spirituele en mythische schoonheid, die wordt gevangen door de geest en haar vijf zintuigen: zicht, reuk. gehoor, smaak en gevoel. Dit is niet de schoonheid waar bijvoorbeeld wordt gestreefd in de Japanse tuin; vastgelegd door beplanting en materialen. De Koreaanse tuin bezit een organische schoonheid, die verandert in ruimte en tijd.
Zij steunt op de elementen en op gebruikte materialen. Het is niet alleen uiterlijke schoonheid maar ook een manifestatie van kosmische principes als fragiliteit, geluid, tegenstellingen tussen licht en donker en droog en nat.
In het verre verleden zijn er in Korea ongeveer duizend openbare tuinen gebouwd. Niet door specialisten, maar door de tuinbezitters zelf. Zij kenden de werking van de natuur via hun eigen tuinen, die dan ook meestal werden omschreven als natuurlijke tuinen. Deze tuinen fungeerden als intermediair tussen de dwangmatigheden van de natuur en de behoeften van de mens.

Het is vreemd dat de Koreaanse tuincultuur nooit door de rest van de wereld is ontdekt. De Chinese tuin krijgt aandacht, terwijl de Japanse een ware hype is. Eigenlijk is dat met de gehele Koreaanse cultuur zo. Toch is het zo, dat de Japanse cultuur niets zonder die van Korea zou zijn geweest. De Japanners importeerde namelijk Koreaanse ideeën. Korea was eeuwenlang doorgeefluik voor allerlei oosterse beschavingen naar het land van de rijzende zon. De Koreaanse tuincultuur is zeer interessant en te lang verstopt gebleven.

Hugo J. Smal 2008

De Koreaanse tuincultuur is te lang erg verborgen gebleven. Vind leuk en deel als je akkoord gaat. Het Koreaanse tuinieren en de Mantifang zien wat het omhelst:

FB-Page

Als je mee wilt doen:

Participeer

Hugo J. Smal 2008

JOIN OUR NEWSLETTER
I agree to have my personal information transfered to MailChimp ( more information )
Join the Mantifang newsletter and we will keep you up to date once a month
We hate spam. Your email address will not be sold or shared with anyone else.

5 gedachtes over “Koreaans tuinieren

Geef een reactie